Gerealiseerde projecten armoede

(1) Diagnostiek van lokale problemen en noden van de Brusselse gemeenten

(2) De bestrijding van thuisloosheid in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest versterken op juridisch vlak

(3) Thuiswonen na je 65ste. Atlas van de behoeften en de actoren in Brussel (2004-2007) 

(4) Welzijns- en gezondheidsatlas van Brussel-Hoofdstad (2005-2006)  

(5) Evaluatie van de participatie van mensen die in armoede leven aan het Brusselse Armoederapport (2004-2005) 

(9) Een andere benadering van armoede-indicatoren: onderzoek - actie - vorming (2002-2004) 

(7) Verbetering van de armoede-indicatoren voor het Brussels armoederapport (2002-2003)

(1) Diagnostiek van lokale problemen en noden van de Brusselse gemeenten

In het kader van haar decreet “Cohésion sociale” gaf de Franse Gemeenschapscommissie opdracht om een analyse te maken van de problemen en behoeften van de Brusselse gemeenten inzake sociale cohesie. Deze analyse moet de gemeentelijke locale coördinaties voor sociale cohesie ondersteunen bij het opstellen van hun omgevingsanalyses ter voorbereiding van hun nieuwe vijfjarenplan 2011-2015.

Deze analyse werd uitgevoerd door het IGEAT-ULB in samenwerking met het Observatorium voor Gezondheid en Welzijn. Concreet werden de fiches van het Observatorium met Welzijns- en Gezondheidsstatistieken per gemeente van 2006 geactualiseerd en uitgebreid met onder andere indicatoren in verband met huisvesting en onderwijs (met cijfers uit zowel de Franse als Vlaamse Gemeenschap).

Naast de 19 gemeentelijke fiches en een fiche voor het gewest, werd ook een handleiding samengesteld om lokale actoren te ondersteunen bij de interpretatie van de gegevens van hun gemeente. Een derde een laatste document “bronnen en referenties” moet de lokale actoren ondersteunen wanneer ze zelf op zoek gaan naar basisgegevens.

De 19 gemeentelijke fiches zijn beschikbaar in het Nederlands en het Frans en kan u hier downloaden

De fiche voor het Gewest, de handleiding en het document "bronnen en referenties" zijn enkel beschikbaar in het Frans en kan u downloaden op de website van de COCOF

(2) De bestrijding van thuisloosheid in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest versterken op juridisch vlak

Onderzoek door Nicolas BERNARD en Laurent LEMAIRE (Facultés universitaires Saint-Louis) in opdracht van het Observatorium voor Gezondheid en Welzijn.

Preventie van uithuiszettingen en ondersteuning bij de (her)huisvesting van thuislozen, vormen een belangrijke strategie in de strijd tegen armoede. Deze complexe materie heeft echter een belangrijke juridische component. Ter ondersteuning van het thematisch katern van het Brussels armoederapport 2010 rond het thema thuislozen, vroeg het Observatorium aan de onderzoeksploeg van Nicolas BERNARD om de juridische aspecten van de problematiek duidelijk in kaart te brengen en pistes te formuleren in de strijd tegen de thuisloosheid. Dit werk resulteerde in een onderzoeksrapport “Uithuiszettingen en thuisloosheid in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Een transversale juridische benadering

(3) Thuiswonen na je 65ste. Atlas van de behoeften en de actoren in Brussel (2004-2007) 

Naar aanleiding van het project “Welzijns- en gezondheidsatlas van Brussel-Hoofdstad” werd voorzien om de informatie betreffende de welzijns- en gezondheidssituatie van de Brusselse bevolking te confronteren met het aanbod aan welzijns- en gezondheidsdiensten.

Deze ambitieuze opdracht moest in verschillende stappen worden aangepakt. Tot nog toe bestonden wel inventarissen van het aanbod van bepaalde dienstverlening van de verschillende overheden (bijvoorbeeld van de COCOF of de VGC), maar werd nog nooit de oefening gemaakt om deze samen te brengen. Omdat dit ook niet tot de “core business” van het Observatorium behoort, werd samenwerking gezocht met verschillende partners.

In de eerste plaats vroeg het Observatorium de samenwerking met het Centrum voor Maatschappelijke Documentatie en Coördinatie (CMDC-CDCS). Deze vzw verzamelt reeds lange tijd informatie in verband met het aanbod van welzijns- en gezondheidsdiensten in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Daarnaast werd aan de verschillende Brusselse overheden (GGC, COCOF en VGC) medewerking gevraagd, aangezien zij als partner onmisbaar waren in dit project.

Het Observatorium bracht de verschillende partners samen om de concrete invulling van het project te bespreken. Nadat iedereen overtuigd was van de zinvolheid van het project en de nodige stappen werden gezet om de samenwerking te formaliseren, kon het inhoudelijke werk starten.
Een eerste belangrijke drempel die moest worden overwonnen, was de juiste invalshoek te vinden om het aanbod te inventariseren. Elke overheid volgt immers een eigen logica bij de uitbouw van zijn dienstenaanbod, wat maakt dat het niet vanzelfsprekend is om de diensten van de verschillende overheden naast elkaar te leggen. Er werd gekozen om vanuit de behoeften van de Brusselaars te vertrekken, en niet vanuit de logica van de subsidiërende overheden.

Een tweede drempel was de afbakening van het thema. Het aanbod aan welzijns- en gezondheidsdiensten is immers zeer groot. Het beschikbare budget en het feit dat men op relatief korte termijn resultaten van deze samenwerking wenste, noopte ons ertoe het thema steeds meer af te bakenen. Er werd gezocht naar gemeenschappelijke interesses van de verschillende betrokken overheden, wat leidde tot de keuze voor het thema “thuiswonen van ouderen”.

Het CMDC-CDCS stond in voor het opstellen en uitvoeren van een enquête bij alle diensten die op één of andere manier beantwoorden aan een behoefte van een thuiswonende oudere. Er werd een beroep gedaan op de universitaire onderzoeksploegen die meewerkten aan de “Welzijns- en gezondheidsatlas” voor de analyse en cartografie van de problematiek van de thuiswonende ouderen op basis van de gegevens uit de socio-economische enquête. Het IGEAT stond in voor de cartografie van de resultaten van de enquête uitgevoerd door het CMDC-CDCS.
Het Observatorium stond in voor de coördinatie van het geheel, het samenbrengen van de informatie betreffende “vraag” en “aanbod” en het zoeken naar aanvullende informatie om op deze vraag te antwoorden, en het bundelen van het geheel in een publicatie “Thuiswonen na je 65ste. Atlas van de behoeften en de actoren in Brussel”.

 U kan deze publicatie hier downloaden

(4) Welzijns- en gezondheidsatlas van Brussel-Hoofdstad (2005-2006) 

De algemene socio-economische enquête (vroeger de volkstelling) is een zeer belangrijke databron voor armoede-indicatoren en determinanten van gezondheid. Deze enquête biedt zeer veel mogelijkheden omdat de volledige bevolking van het Rijksregister bevraagd werd over verschillende levensdomeinen (huisvesting, werk, opleidingsniveau, gezondheid, enz.). Dergelijke gegevens zijn slechts om de 10 jaar beschikbaar en het is onzeker of er in de toekomst nog zo'n gedetailleerde gegevensverzameling zal komen.

Daarom besloot het Observatorium voor Gezondheid en Welzijn een project op te starten zodra de gegevens van de socio-economische enquête 2001 beschikbaar waren. Er werd samenwerking gezocht met een aantal universitaire onderzoeksploegen om alle interessante  gegevens inzake welzijn en gezondheid zo te exploiteren dat een maximum aan informatie tot op het niveau van de statistische buurten toegankelijk kon worden gemaakt voor een groot publiek. Drie onderzoeksploegen - Interface Demography VUB, Institut de Gestion de l'Environnement et d'Aménagement du Territoire ULB en Instituut voor Sociale en Economische Geografie KULeuven - stonden in voor de analyse, cartografie en interpretatie van de schat aan informatie. Het Observatorium verzorgde de coördinatie tussen de onderzoeksploegen, de vertaling van de verschillende bijdragen en de harmonisatie van het geheel tot een zo toegankelijk mogelijke publicatie.

 U kan deze publicatie hier downloaden

(5) Evaluatie van de participatie van mensen die in armoede leven aan het Brusselse Armoederapport (2004-2005)

Beleidsparticipatie van armen lijkt niet meer weg te denken sinds het Algemeen Verslag van de Armoede in 1994 verscheen. Toch slagen slechts weinig initatieven erin de participatie op een voor alle partners aanvaardbare manier te organiseren. Ook het Observatorium worstelt voortdurend met de vraag hoe mensen die in armoede leven best betrokken kunnen worden bij het Brusselse armoederapport. Via een onderzoeksproject in samenwerking met het Instituut voor Sociale en Economische Geografie van de KULeuven gingen we op zoek naar een duidelijke methodiek en een theoretische basis.

Dit project gaf aanleiding tot de publicatie van een dossier waarin o.a. de voorwaarden voor participatief overleg duidelijk worden omgeschreven, evenals een evaluatie van de participatie aan de armoederapporten 2000-2004. Er werden eveneens een aantal pistes voor de toekomst uitgewerkt, die de discussies betreffende de vernieuwing van de ordonnantie betreffende het opstellen van het armoederapport zouden kunnen beïnvloeden.

Het belangrijkste gevolg van dit project is dat de samenwerking tussen het Observatorium en het Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting wordt versterkt, bijvoorbeeld naar aanleiding van het Armoederapport 2008 betreffende armoede en vroegtijdig verouderen.


(6) Een andere benadering van armoede-indicatoren: onderzoek - actie - vorming (2002-2004)

Bij dit project werden zowel wetenschappers, administraties als mensen in armoede betrokken. Het was de bedoeling om samen mogelijkheden uit te werken om armoede-indicatoren te bepalen die werkelijk uiting geven aan de leefwereld van mensen en gezinnen in armoede. 23 mensen namen deel aan dit project, waaronder iemand van de ploeg van het Observatorium.

Het project gaf aanleiding tot een publicatie “Een andere benadering van armoede-indicatoren” in 2004. Deze publicatie is beschikbaar op de website van het Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting (http://www.armoedebestrijding.be/publicatiessteunpuntindicatoren.htm).


(7) Verbetering van de armoede-indicatoren voor het Brussels armoederapport (2002-2003)

Tot 2006 vormden de gegevens van de 19 Brusselse OCMW's een verplicht onderdeel van het Brusselse armoederapport. De kwaliteit van de gegevens was echter niet gegarandeerd omwille van verschillende redenen. Daarom initialiseerde het Observatorium voor Gezondheid en Welzijn een onderzoeksproject om de kwaliteit van de gegevensverzameling te optimaliseren.

Hiervoor werkten verschillende partners samen met het Observatorium: een werkgroep van de Conferentie van de voorzitters en secretarissen van de OCMW's van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en 2 onderzoekers verbonden aan enerzijds de KULeuven en anderzijds de ULB.

Het gemeenschappelijk project werd in 2003 afgerond met een intern document samengesteld door de betrokken partners en verzonden naar de 19 OCMW's, de Conferentie en de ministers bevoegd voor Bijstand aan Personen van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.
Dit document diende als basis voor het vervolg dat aan dit project werd gegevens in een werkgroep van de Conferentie van  van de voorzitters en secretarissen van de Brusselse OCMW's.

afdrukken
Home  
Nieuws  
Wie zijn wij?  
Brusselse context  
Gezondheid  
Armoede  
Indicatoren  
Publicaties  
Nieuwsbrief  
Projecten  
Lopende Gezondheidsprojecten  
Lopende projecten armoede  
Gerealiseerde projecten gezondheid  
Gerealiseerde projecten armoede